Inhoudsopgave van 'De vereniging in de praktijk' (2007) van Fred Kollen

Het betreft een geheel herziene, veel uitgebreidere tweede druk van het boek, dat sinds april 2007 bij uitgeverij Kluwer te Deventer verkrijgbaar is.
Aantal pagina's: 744; ISBN: 9789013003123.

Inhoudsopgave
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
11.
12.
13.
14.
15.
16.
De vereniging
De vereniging als organisatie
De afdeling
Regels in de vereniging
De leden
Het opleggen van straffen
Het bestuur
Vertegenwoordiging
Aansprakelijkheid
FinanciŽn
De algemene vergadering
Het stemmen en het nemen van besluiten
Geschillen en procedures
Samenwerking, fusie en splitsing
Het einde van de vereniging
Handelsregister

1. DE VERENIGING
1.1. Vrijheid van vereniging
1.1.1. Algemene wet gelijke behandeling
1.2. Verscheidenheid aan verenigingen
1.2.1. De ontwikkeling van het verenigingsleven
1.2.2. De leden
1.2.3. Vrijwilligers
1.3. Wettelijke regelingen
1.3.1. Systematiek van verenigingsrechtelijke bepalingen
1.3.2. Aanvulling van de systematiek
1.3.3. Gewoonte
1.3.4. Redelijkheid en billijkheid
1.3.5. Terminologie
1.3.6. Definities
1.4. Rechtspersoon en rechtsbevoegdheid
1.5. Typen verenigingen
1.5.1. Vereniging met volledige rechtsbevoegdheid
1.5.2. Vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid
1.5.2.1. Registergoederen en nalatenschap
1.5.2.2. Bezwaren tegen de vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid
1.5.3. CommerciŽle vereniging
1.5.4. Bond, federatie en omni-vereniging
1.5.5. Vereniging van eigenaars van appartementen
1.5.6. Vereniging van eigenaren
1.5.7. Coöperatie en onderlinge waarborgmaatschappij
1.5.8. Europese vereniging
1.5.8.1. Enige kenmerken Europese vereniging
1.6. Het ontstaan van een vereniging
1.6.1. Gebreken bij de oprichting
1.6.2. Het ontstaan van een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid
1.6.2.1. Van beperkte naar volledige rechtsbevoegdheid
1.6.3. Het ontstaan van een vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid
1.7. Duur
1.7.1. Oprichting voor onbepaalde tijd
1.7.2. Vermelding oprichtingsdatum

Terug naar inhoudsopgave

2. DE VERENIGING ALS ORGANISATIE
2.1. Naam
2.1.1. Naam
2.1.2. Keuze van de naam
2.1.3. Gebruik van de naam
2.1.4. Naam en politieke partijen
2.2. Zetel en woonplaats
2.2.1. Zetel
2.2.2. Werkelijke vestiging
2.2.3. Woonplaats en procedures
2.2.4. Zetelverplaatsing naar het buitenland
2.3. Doel
2.3.1. Welk doel ?
2.3.2. Behartiging van collectieve belangen
2.3.3. Doel en strijd met de openbare orde
2.3.4. Doel en winst(uitkering)
2.3.5. Overschrijding van het doel
2.3.6. Hoe te handelen bij doeloverschrijding ?
2.3.7. Doel tijdens de vereffening
2.4. Inrichting van de vereniging
2.4.1. Minimale eisen Vrijheid van inrichting
2.4.2. Scheiding der machten
2.4.3. Duaal stelsel
2.4.4. Constructies, mechanismen en stabilisatoren
2.5.Organen
2.5.1. Het begrip 'orgaan'
2.5.2. Wie kwalificeert een eenheid als orgaan ?
2.5.3. Welke organen ?
2.5.4. Samenstelling orgaan
2.5.5. Besluiten van organen
2.6. Commissies, werkgroepen, stuurgroepen e.a.
2.7. Vrijwilligers
2.7.1. Verantwoording vrijwilligers
2.7.2. Fiscale positie van de vrijwilliger
2.7.2.1. De vrijwilligersregeling
2.7.2.2. Al dan niet in dienstverband
2.7.2.3. Fictief dienstverband
2.8. Raad van commissarissen/toezicht
2.8.1. Benoeming, schorsing en ontslag van commissarissen
2.8.2. Taken en bevoegdheden raad van commissarissen
2.8.3. Toezicht
2.9. Leeftijd
2.9.1. Leeftijd en toelating
2.10. Werknemers
2.10.1. De positie van de werknemer in de vereniging
2.10.2. Verhouding vereniging en werknemers
2.11. Directie
2.11.1. Directiestatuut
2.11.2. Inhoud directiestatuut
2.12. Ondernemingsraad

Terug naar inhoudsopgave

3. DE AFDELING
3.1. De positie van de afdeling
3.1.1. Het bestaansrecht van een afdeling
3.1.2. Wanneer is er sprake van een afdeling ?
3.1.3. De afdeling in de wet
3.1.4. Wanneer is er sprake van een afdeling in de zin van art. 2:41a BW?
3.1.5. Rechtspersoonlijkheid bezittende afdelingen
3.1.6. Combinatie van afdelingen
3.1.7. Typen van afdelingen
3.1.8. De afdeling als orgaan
3.1.9. De woonplaats van een afdeling
3.2. Taken en bevoegdheden van een afdeling
3.2.1. Wettelijke regeling
3.2.2. Duaal stelsel
3.3. Afdelingen en lidmaatschap
3.3.1. Afdelingen en lidmaatschap
3.3.2. Afdeling-vereniging en lidmaatschap
3.4. Het instellen en opheffen van afdelingen
3.4.1. Het instellen van een afdeling
3.4.2. Het beŽindigen van een gewone afdeling
3.4.2.1. Het opheffen van een gewone afdeling
3.4.2.2. Het beŽindigen van de afdeling-vereniging
3.4.2.3. Het beŽindigen van de hoofdvereniging
3.5. Afdelingsbestuur en afdelingsvergadering
3.5.1. Een afdelingsbestuur
3.5.2. Benoeming, schorsing en ontslag van afdelingsbestuursleden
3.5.3. Benoeming, schorsing en ontslag van bestuursleden van een afdeling-vereniging
3.5.4. Vertegenwoordigingsbevoegdheid van afdelingsbestuursleden
3.5.5. Afdelingsvergadering
3.5.6. 'Rondzingen'
3.6. Afgevaardigden
3.6.1. Wettelijke regeling
3.6.2. Verkiezing van de afgevaardigden
3.6.3. Duur benoeming van de afgevaardigden
3.6.4. Bepaling van het aantal afgevaardigden
3.6.4.1. Evenredige vertegenwoordiging
3.6.4.2. Geen evenredige vertegenwoordiging
3.6.5. Mandaat van de afgevaardigden
3.6.6. Stemrecht, schorsing en ontslag afgevaardigden
3.7. Afdelingsreglement
3.7.1. Taken, bevoegdheden en geschillen
3.8. De financiŽn van een afdeling
3.8.1. De afdelingsgelden
3.8.2. Rekening en verantwoording op afdelingsniveau
3.8.3. Het vermogen bij een beŽindiging van een afdeling

Terug naar inhoudsopgave

4. REGELS IN DE VERENIGING
4.1. Regels
4.1.1. Samenwerking
4.1.2. Welke regels?
4.1.3. Redelijkheid en billijkheid
4.2. Wettelijke regeling
4.2.1. Wettelijke bepalingen
4.2.2. Verenigingsrechtelijke bepalingen
4.3. Statuten
4.3.1. Statuten
4.3.2. Statuten vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid
4.3.3. Statuten vereniging met volledige rechtsbevoegdheid
4.3.4. Vaststelling van de statuten bij de oprichting
4.3.5. Wat wel en wat niet in de statuten ?
4.3.6. De 'andere' statuten
4.3.7. Statuten en een collectieve actie
4.3.8. Handelen in strijd met de statuten
4.4. Het wijzigen van de statuten
4.4.1. Statutenwijziging
4.4.2. Uitsluiting van een statutenwijziging
4.4.3. Beperking van een statutenwijziging
4.4.4. Statutenwijziging en derden
4.4.5. Statutenwijziging en de ondernemingsraad
4.4.6. Procedure van de statutenwijziging
4.4.7. Verlijden van de statutenwijziging
4.4.8. In werking treden van de statutenwijziging
4.4.9. Deponeren van een statutenwijziging
4.5. Reglementen
4.5.1. Wettelijke regeling
4.5.2. Karakter van een reglement
4.5.3. Afdelingsreglement
4.5.4. Vaststelling en wijziging van reglementen
4.5.5. Werking van een reglement
4.5.6. Handelen in strijd met een reglement
4.6. Een besluit
4.7. De gewoonte
4.8. Interpretatiegeschillen
4.8.1. Wie interpreteert?
4.8.2. De interpretatie
4.8.3. Het bestuur beslist

Terug naar inhoudsopgave

5. DE LEDEN
5.1. Lidmaatschap
5.1.1. Leden
5.1.2. Wie zijn geen lid ?
5.1.3. Wie kunnen lid van de vereniging zijn ?
5.1.4. Persoonlijk lidmaatschap
5.1.5. Overgang lidmaatschap bij fusie en splitsing
5.1.6. Kwalitatief lidmaatschap
5.1.7. Lidmaatschap van minderjarigen
5.1.8. Gezamenlijk, meervoudig en dubbel lidmaatschap
5.1.9. Het lidmaatschap van een failliet
5.1.10. Aangeslotenen en andere contractueel gebondenen
5.2. Gelijke behandeling van leden
5.2.1. Gelijkheidsbeginsel
5.2.2. Algemene wet gelijke behandeling
5.2.3. Gelijke en ongelijke behandeling
5.2.4. Verboden onderscheid bij het lidmaatschap van sommige verenigingen
5.2.5. Intimidatie
5.2.6. Seksuele intimidatie
5.2.7. Valse klachten
5.2.8. Leeftijdsdiscriminatie
5.3. Lidmaatschapsconstructies
5.3.1. Vrijheid van keuze
5.3.2. Alleen natuurlijke personen lid
5.3.3. Alleen rechtspersonen lid
5.3.4. Natuurlijke en rechtspersonen lid
5.3.5. Andere lidmaatschapsconstructies
5.4. Toelating tot het lidmaatschap
5.4.1. Toelatingsbeleid
5.4.2. Wie beslist over de toelating en binnen welke termijn ?
5.4.3. Toelating
5.4.4. Weigering toelating
5.4.5. Datum aanvang lidmaatschap
5.5. Gedragingen van de leden
5.5.1. Redelijkheid en billijkheid
5.5.2. E-mailverkeer
5.5.3. Kritische, lastige en onmogelijke leden
5.5.4. Vrijheid van meninguiting
5.5.5. Spreekverbod
5.5.6. Belangenverstrengeling
5.6. Rechten van de leden
5.6.1. De rechten van een lid
5.6.2. Rechten en opzegging
5.6.3. Rechten uit overeenkomsten (ledencontract)
5.7. Verplichtingen van de leden
5.7.1. De verplichtingen van een lid
5.7.2. Het tot stand komen van verplichtingen en hun duur
5.7.3. Verplichtingen en opzegging lidmaatschap
5.7.4. Verplichtingen in statuten en reglementen
5.7.5. Verbintenissen
5.7.6. Verplichtingen uit overeenkomsten (ledencontract)
5.7.6.1. Statutaire grondslag
5.7.6.2. Vordering nakoming ledencontract
5.7.7. Bindende besluiten
5.8. Einde lidmaatschap
5.8.1. Redenen beŽindiging lidmaatschap
5.8.2. Einde lidmaatschap door de dood
5.8.3. Einde lidmaatschap bij ontbinding, faillissement en surseance van betaling
5.8.4. Overgang lidmaatschap bij fusie of splitsing
5.9. Opzegging van het lidmaatschap
5.9.1. Opzegging door de vereniging
5.9.1.1. Redenen opzegging door de vereniging
5.9.1.2. Redelijkerwijs niet laten voortduren van het lidmaatschap
5.9.1.3. Opzegging bij kwalitatief lidmaatschap
5.9.2. Opzegging door het lid
5.9.2.1. Redenen opzegging door het lid
5.9.2.2. Opzegging bij het beperken van rechten of het verzwaren van verplichtingen
5.9.2.3. Opzegging bij fusie, splitsing of omzetting
5.9.2.4. Redelijkerwijs niet laten voortduren van het lidmaatschap
5.9.3. Wijze van opzeggen
5.9.4. Opzeggingstermijn
5.9.5. Beroep tegen opzegging lidmaatschap
5.9.6. Beleidskeuze opzegging of royement
5.9.7. Onduidelijkheid over opzegging of ontzetting
5.9.8. Opzegging en schadevergoeding
5.10. Ontzetting (royement)
5.11. Ledenregistratie
5.12. Wet Bescherming persoonsgegevens
5.12.1. WBP
5.12.2. Melding
5.12.3. Vrijstelling van melding met betrekking tot leden
5.12.3.1. Toegestane doeleinden van verwerking
5.12.3.2. Toegestane (categorieŽn) verwerkte gegevens
5.12.3.3. Toegestane (categorieŽn) ontvangers van verwerkte gegevens
5.12.3.4. Toegestane bewaartermijn
5.12.4. Vrijstelling van melding met betrekking tot oud-leden
5.12.4.1. Toegestane doeleinden van verwerking
5.12.4.2. Toegestane (categorieŽn) verwerkte gegevens
5.12.4.3. Toegestane (categorieŽn) ontvangers van verwerkte gegevens
5.12.4.4. Toegestane bewaartermijn
5.12.5. Wettelijke plicht om gegevens te verstrekken
5.12.6. Rechten van het lid
5.13. Collectieve belangenbehartiging
5.13.1. Collectieve actie
5.13.2. Belangen
5.13.3. Vorderingen
5.13.4. Overleg
5.13.5. Vertegenwoordiging
5.13.6. Belangenbehartiging door vakbonden

Terug naar inhoudsopgave

6. HET OPLEGGEN VAN STRAFFEN
6.1. Omgangsregels
6.2. Tuchtrecht
6.2.1. Scheiding der machten
6.2.2. Statutaire verankering
6.2.3. Beleidsmaatregelen met een tuchtrechtelijk karakter
6.2.4. Rechtskarakter van een tuchtrechtelijke straf
6.3. Het opleggen van straffen
6.3.1. Wanneer kan een straf worden opgelegd ?
6.3.2. Wie kan een straf opleggen ?
6.3.3. Interne tuchtcommissie en commissie van beroep
6.3.4. Externe tuchtcommissie en commissie van beroep
6.3.5. Beroep
6.4. Tuchtprocedure
6.4.1. Tuchtreglement
6.4.2. De rechten van de overtreder
6.5. Tuchtrechtelijke straffen
6.5.1. Sanctiepakket
6.5.2. Welke straf is redelijk en billijk ?
6.5.3. Cumulatie van sancties in de vereniging
6.5.4. Meervoudige bestraffing in en buiten de vereniging
6.6. De schorsing
6.6.1. De wettelijke schorsing in het kader van een royement
6.6.2. De schorsing van art. 2:38.1
6.6.3. De statutaire schorsing als zelfstandige sanctie
6.6.4. De schorsing van bestuursleden
6.7. Ontzetting (royement)
6.7.1. Wanneer ontzetting ?
6.7.2. Wie is tot ontzetting bevoegd
6.7.3. Procedure bij ontzetting
6.7.4. Beroep tegen ontzetting
6.7.5. Beroepstermijn
6.7.6. Beroep en een kort geding
6.7.7. Opzegging en ontzetting
6.7.8. Samenloop van ontzettingen
6.7.8.1. Ontzetting door een overkoepelende vereniging
6.7.8.2. Ontzetting door de eigen vereniging in relatie tot de overkoepelende vereniging
6.7.9. Ontzetting en schadevergoeding
6.8. Rechterlijke toetsing van straffen
6.8.1. Welke straffen kunnen door de rechter worden getoetst ?
6.8.2. Hoe toetst de rechter een straf?
6.8.3. De toetsing van een straf in kort geding
6.8.4. De toetsing van een straf in een bodemprocedure

Terug naar inhoudsopgave

7. HET BESTUUR
7.1. Wettelijke regeling
7.1.1. Twee besturen als structuur
7.1.2. Twee besturen na een conflict
7.1.3. Geen bestuur na een conflict
7.1.4. Bestuur en dagelijks bestuur
7.1.5. De directie als bestuur
7.1.6. Benaming bestuur
7.1.7. Bestuurders en bestuursleden
7.1.8. Collegiaal bestuur
7.2. Het besturen van de vereniging
7.2.1. Besturen
7.2.2. Wettelijke beperking
7.2.3. Bevoegdheid bestuur bij niet voltalligheid
7.2.4. Besluitvorming in het bestuur
7.2.5. Taken en bevoegdheden bestuur
7.2.6. Bestuursbeleid
7.2.6.1. Bestuursbeleid en afdelingsbeleid
7.2.6.2. Bestuursbeleid en het beleid van een afdeling-vereniging
7.2.7. Demissionair bestuur
7.2.8. Dagelijks bestuur
7.2.9. Tegenstrijdig belang
7.2.10. Toezicht op het bestuur
7.2.11. Het overnemen van het bestuur
7.3. Verplichtingen bestuur/bestuursleden
7.3.1. Verplichtingen van het bestuur
7.3.2. Verplichtingen van bestuursleden
7.3.3. Jaarverslag
7.4. Samenstelling bestuur
7.4.1. Wettelijke regeling
7.4.2. Bestuursleden van buiten
7.4.3. Het aantal bestuursleden
7.4.4. Bestuursleden: natuurlijke personen en/of rechtspersonen
7.4.5. Plaatsvervangende bestuursleden
7.4.6. Kwaliteitszetels
7.4.7. Bestuurslid-werknemer
7.4.8. Buitenlandse bestuursleden en in het buitenland woonachtige bestuursleden
7.5. Taakverdeling in het bestuur
7.5.1. Wettelijke regeling
7.5.2. Taakvervulling en aansprakelijkheid bestuursleden
7.5.3. Combinaties van functies
7.5.4. Voorzitter
7.5.5. Technisch-, vergader of onafhankelijk voorzitter
7.5.6. Secretaris
7.5.7. Penningmeester
7.5.8. Overige bestuursleden
7.6. Benoeming van bestuursleden
7.6.1. Wettelijke regeling
7.6.2. Benoeming
7.6.3. Wie kunnen tot bestuurslid worden benoemd?
7.6.4. Benoeming en leeftijd
7.6.5. Benoeming uit de leden
7.6.6. Benoeming door de leden
7.6.7. Benoeming door anderen dan door de leden
7.6.8. Periode van benoeming
7.6.9. Herbenoeming
7.6.10. Rooster van aftreden
7.7. Kandidaatstelling en verkiezing bestuursleden
7.7.1. Kandidaatstelling in het algemeen
7.7.2. Kandidaatstelling en slechts ťťn kandidaat
7.7.3. Kandidaatstelling en een gekwalificeerde meerderheid
7.7.4. Kandidaatstelling van bestuursleden
7.7.5. Kandidaatstelling bij benoeming buiten algemene vergadering
7.7.6. Kandidaatstelling door afdelingen
7.7.7. Kandidaatstelling bij een vrije verkiezing
7.7.8. Kandidaatstelling bij een bindende voordracht
7.8. Schorsing van bestuursleden
7.8.1. Karakter van de schorsing
7.8.2. Wie is bevoegd te schorsen ?
7.8.3. Te allen tijde
7.8.4. Duur van de schorsing
7.9. BeŽindiging van het bestuurslidmaatschap
7.9.1. Manieren van beŽindiging van het bestuurslidmaatschap
7.9.2. Tijdstip van aftreden
7.9.3. BeŽindiging door het einde benoemingsduur
7.9.4. BeŽindiging door het verlies van een bepaalde kwaliteit
7.9.5. Motie van wantrouwen
7.9.6. Aftreden van bestuursleden
7.9.7. Ontslag van bestuursleden
7.9.8. Ontslag te allen tijde
7.9.9. Ontslag bestuurslid-werknemer
7.9.9.1. Ontslag bestuurslid/werknemer van een onderneming
7.10. Vergoeding bestuurskosten

Terug naar inhoudsopgave

8. VERTEGENWOORDIGING
8.1. Wie vertegenwoordigt wie ?
8.1.1. Wanneer is er sprake van vertegenwoordiging ?
8.1.2. Wettelijke regeling
8.1.3. Voorafgaande besluitvorming
8.2. Vertegenwoordiging door het bestuur
8.2.1. Hoofdregel: het bestuur is altijd vertegenwoordigingsbevoegd
8.2.2. Wettelijke uitzondering op de hoofdregel
8.2.3. De vertegenwoordigingsbevoegdheid van bestuur is onbeperkt en onvoorwaardelijk
8.3. Vertegenwoordiging door bestuursleden
8.3.1. Welke bestuursleden zijn vertegenwoordigingsbevoegd?
8.3.2. Vertegenwoordigingsbevoegdheid: onbeperkt en onvoorwaardelijk
8.3.3. Vertegenwoordiging door gemachtigde bestuursleden
8.3.4. Vertegenwoordiging door niet bevoegde bestuursleden
8.3.5. Vertegenwoordiging zonder rechtsgeldig bestuursbesluit
8.4. Vertegenwoordiging door niet-bestuursleden
8.5. Vertegenwoordiging bij een tegenstrijdig belang
8.6. Inschrijving van de vertegenwoordigingsbevoegdheid
8.7. Onbevoegde vertegenwoordiging
8.7.1. Vertegenwoordiging en doeloverschrijding
8.7.2. Gewekte schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid
8.7.3. Alsnog nakomen

Terug naar inhoudsopgave

9. AANSPRAKELIJKHEID
9.1. Aansprakelijkheid vereniging
9.2. Leden en aansprakelijkheid
9.3. Aansprakelijkheid van bestuursleden
9.3.1. Bestuursaansprakelijkheidsverzekering
9.4. Aansprakelijkheid bij een vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid
9.4.1. Aansprakelijkheid bestuursleden bij verenigingen met beperkte rechtsbevoegdheid
9.4.2. Geen aansprakelijk bij verenigingen met beperkte rechtsbevoegdheid
9.4.3. Aansprakelijkheid van anderen dan bestuursleden bij een vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid
9.4.4. Aansprakelijkheid na de inschrijving bij een vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid
9.5. Aansprakelijkheid van bestuursleden tegenover de vereniging
9.5.1. Het bestuur
9.5.2. Aansprakelijkheid van een bestuurslid tegenover de vereniging
9.5.3. Aansprakelijkheid bij niet behoorlijke taakvervulling
9.5.4. Daadwerkelijke aansprakelijkheid
9.5.5. Mede-aansprakelijkheid bij niet behoorlijke taakvervulling
9.5.6. Aansprakelijkheid van bestuursleden en dťcharge
9.5.7. Aansprakelijkheid van bestuursleden bij faillissement
9.5.8. Aansprakelijkheid van een bestuurslid-rechtspersoon
9.6. Aansprakelijkheid van bestuursleden tegenover derden
9.6.1. Aansprakelijkheid van een bestuurslid bij niet-inschrijving in het handelsregister
9.6.2. Aansprakelijkheid van een bestuurslid bij onrechtmatige daad
9.6.3. Aansprakelijkheid van een bestuurslid tegenover de fiscus en de uitvoeringsinstantie
9.7. Wet Bestuurdersaansprakelijkheid (WBA)
9.7.1. Alleen van toepassing op commerciŽle verenigingen
9.7.2. Op welke wetten heeft de WBA betrekking ?
9.7.3. Wie worden als bestuursleden aangemerkt ?
9.7.4. Meldingsplicht
9.7.4.1. Waar melden ?
9.7.4.2. Wanneer melden ?
9.7.4.3. Ontvangstbevestiging
9.7.4.4. Rechtsgeldige melding ?
9.7.4.5. Geldigheidsduur van een melding
9.7.4.6. Uitstel van betaling of kwijtschelding
9.7.4.7. Aangifte en invordering
9.7.4.8. Wanneer aansprakelijk bij onbehoorlijk bestuur ?
9.7.4.9. Aansprakelijkheid bij rechtsgeldige melding
9.7.4.10. Aansprakelijkheid bij niet-rechtsgeldige melding
9.7.4.11. Aansprakelijkstelling
9.7.4.12. Bezwaar en beroep
9.7.4.13. Verhaalsmogelijkheden
9.8. Aansprakelijkheid van de directeur

Terug naar inhoudsopgave

10. FINANCIËN
10.1. Boekjaar
10.2. Contributie
10.2.1. Contributieverhoging
10.2.2. Contributie na beŽindiging lidmaatschap
10.2.3. Andere bijdragen
10.2.4. Bijdragen in tekorten
10.3. Administratie
10.3.1. Boekhouding
10.3.2. Boekhoudplicht
10.3.3. Computermatige boekhouding
10.4. Bewaarplicht
10.4.1. Bewaarplicht tijdens het bestaan van de vereniging
10.4.2. Bewaarplicht na ontbinding van de vereniging
10.4.3. Wat moet worden bewaard?
10.4.4. Hoe moet worden bewaard?
10.4.5. Strafbaar feit
10.5. Begroting
10.6. Financieel verslag van het bestuur
10.6.1. Verantwoording door het bestuur
10.6.2. Jaarverslag
10.6.3. Balans en staat van baten en lasten
10.6.4. Ondertekening van de jaarstukken door bestuursleden en commissarissen
10.6.5. Procedure tot het verkrijgen van de balans en de staat van baten en lasten
10.6.6. Dťcharge
10.7. Jaarrekening commerciŽle vereniging
10.7.1. Recht van enquête
10.8. Controle van de jaarstukken
10.8.1. Raad van Commissarissen
10.8.2. Accountant
10.8.3. Kascommissie
10.8.4. Inlichtingen
10.8.5. Bijstand door deskundigen
10.9. Publicatie van de jaarstukken
10.10. Winst
10.11. Overschot/batig saldo
10.11.1. Vaststelling en uitkering overschot
10.11.2. Verdeling van goederen
10.12. Het vermogen van de vereniging

Terug naar inhoudsopgave

11. DE ALGEMENE VERGADERING
11.1. De algemene vergadering als bijeenkomst
11.2. Het begrip en de benaming algemene vergadering
11.2.1. Ledenraad
11.2.2. Scheiding der machten
11.2.3. De algemene vergadering als orgaan
11.2.4. De algemene vergadering/ledenraad als hoogste orgaan
11.3. Samenstelling van de algemene vergadering/ledenraad
11.3.1. Samenstelling algemene vergadering
11.3.2. Samenstelling ledenraad
11.3.3. Combinatie algemene vergadering en ledenraad
11.3.4. Het aantal afgevaardigden
11.3.5. Verkiezing afgevaardigden
11.3.6. Duur benoeming afgevaardigden
11.3.7. Het aantal stemmen van afgevaardigden
11.3.8. Mandaat van de afgevaardigden
11.3.9. Volmacht van niet aanwezige stemgerechtigden
11.4. Het bijeenroepen van de algemene vergadering
11.4.1. Het bijeenroepen door het bestuur
11.4.1.1. Bijeenroepen en oproepen
11.4.2. De elektronische oproep
11.4.3. Het bijeenroepen door de leden
11.4.3.1. Het benodigde aantal leden
11.4.3.2. Een verzoek in strijd met de redelijkheid en billijkheid
11.4.3.3. De in acht te nemen termijn
11.4.3.4. Mededeling aan de verzoekende leden
11.4.3.5. Dagblad en kosten
11.4.4. Het bijeenroepen door derden
11.4.5. Samenloop van bijeengeroepen algemene vergaderingen
11.4.6. De oproep bereikt niet alle leden
11.4.7. Termijn van oproeping
11.4.8. Datum en tijdstip van algemene vergadering
11.4.9. Locatie van de algemene vergadering
11.4.10. Quorum eis/tweede vergadering
11.4.11. Een niet-bijeengeroepen algemene vergadering
11.4.12. Afdelingsvergadering
11.5. Agenda van de algemene vergadering
11.5.1. De agenda
11.5.2. Onderwerpen agenda
11.5.3. Bekendmaking agenda
11.5.4. Later ingekomen voorstellen
11.5.5. Amendementen
11.5.6. Moties
11.5.7. Voorstel van orde
11.5.8. Stemverklaring
11.6. Toegang tot de algemene vergadering
11.6.1. Toegang van de leden
11.6.2. Toegang van een geschorst lid
11.6.3. Toegang van niet-leden
11.6.4. Toegang bij een onverwacht hoge opkomst bij een ledenraad
11.6.5. Toegang bij een onverwacht hoge opkomst van leden bij een algemene vergadering
11.6.6. Besloten vergadering
11.6.7. Presentielijst en legitimatie
11.7. Recht op informatie
11.8. Recht op vrije meningsvorming
11.9. Onvoorziene gevallen ter vergadering
11.10. Het leiden en notuleren van de algemene vergadering
11.10.1. De voorzitter
11.10.2. De voorzitter van een buitengewone algemene vergadering
11.10.3. Vergader- of technisch voorzitter
11.10.4. Handhaving van de orde
11.10.5. De secretaris ter vergadering
11.10.6. Notuleren
11.11. Bevoegdheden van de algemene vergadering
11.12. Het schorsen van de algemene vergadering
11.12.1. Het verdagen van de algemene vergadering
11.13. Het sluiten van een algemene vergadering
11.13.1. Wie sluit de vergadering
11.13.2. Wanneer wordt de vergadering gesloten?
11.13.3. Een gesloten en heropende vergadering
11.14. Referendum
11.15. Besluiten van de algemene vergadering

Terug naar inhoudsopgave

12. HET STEMMEN EN HET NEMEN VAN BESLUITEN
12.1. Besluiten
12.1.1. Een besluit
12.1.2. Wie kunnen besluiten nemen?
12.1.3. Besluiten van de algemene vergadering
12.1.4. Besluiten van het bestuur
12.1.5. Besluiten van anderen
12.1.6. Besluiten van individuele leden
12.1.7. Besluiten van rechtsprekende colleges
12.2. Waar kunnen besluiten worden genomen?
12.2.1. Besluiten tijdens vergaderingen
12.2.2. Buiten vergaderingen genomen besluiten
12.2.3. Referendum
12.3. Stemrecht
12.3.1. De stem
12.3.2. Wie hebben stemrecht?
12.3.3. Stemmen zonder last of ruggespraak
12.3.4. Wie hebben geen stemrecht?
12.3.5. Stemrecht van minderjarigen
12.3.6. Stemmen bij volmacht
12.3.7. Het stemrecht van niet-leden
12.3.8. Nietige stemmen
12.3.9. Stemovereenkomsten
12.4. Elektronische communicatiemiddelen
12.4.1. Inleiding
12.4.2. Statutaire regeling
12.4.3. De algemene vergadering
12.4.4. De techniek
12.4.5. Stemmen met stemkastjes
12.4.6. Het vooraf elektronisch uitbrengen van een stem
12.4.7. De uitslag van de stemming
12.4.8. Elektronische volmacht
12.4.9. Elektronisch verzoek tot het bijeenroepen van een algemene vergadering
12.4.10. De elektronische oproep tot het bijwonen van een algemene vergadering
12.5. Het aantal stemmen
12.5.1. Het aantal stemmen in de algemene vergadering
12.5.2. Het aantal stemmen in de ledenraad
12.6. Het stemmen
12.6.1. Het in stemming brengen
12.6.2. De wijze van stemmen
12.6.3. Wie bepaalt de uitslag van de stemming?
12.6.4. Betwisting juistheid oordeel van de voorzitter
12.6.5. Quorumeis
12.7. Meerderheid
12.7.1. Blanco stemmen en onthoudingen
12.7.2. Meerderheid bindt minderheid
12.7.3. Gewone meerderheid
12.7.4. Versterkte meerderheid
12.7.5. Algemene stemmen/unaniem besluit
12.7.6. Het beoordelen van de meerderheid
12.7.7. Het staken van de stemmen
12.8. Nietigheid van besluiten
12.8.1. Wanneer is een besluit nietig?
12.8.2. Wat zijn de gevolgen van een nietig besluit?
12.8.3. Bekrachtiging van een nietig besluit
12.8.4. Procedure tot vaststelling van de nietigheid
12.8.5. Onherroepelijkheid van nietig besluit
12.8.6. Derdenwerking van nietig besluit
12.9. Vernietigbaar besluit
12.9.1. Wanneer is een besluit vernietigbaar?
12.9.2. Wegens strijd met de wettelijke en statutaire bepalingen die de totstandkoming van besluiten regelen
12.9.3. Wegens strijd met de reglementen
12.9.4. Wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid
12.9.5. Wie kan de vernietiging vorderen?
12.9.6. Wat zijn de gevolgen van een vernietigbaar besluit?
12.9.7. Het bevestigen van een vernietigbaar besluit
12.9.8. De vernietiging van een besluit
12.9.9. Termijn vordering vernietiging besluit
12.9.10. Procedure van een vereniging tot vernietiging van een besluit
12.9.11. Procedure van een bestuurslid tot vernietiging van een besluit
12.9.12. Procedure van een belanghebbende tot vernietiging van het besluit
12.9.13. Derdenwerking van een vernietigbaar besluit
12.10. Nietig en vernietigbaar

Terug naar inhoudsopgave

13. GESCHILLEN EN PROCEDURES
13.1. Mediation
13.1.1. Inleiding
13.1.2. Mediation
13.1.3. Mediationprocedure
13.1.4. Mediator
13.1.5. Partijen bij mediation in verenigingen
13.1.6. Welke conflicten in de vereniging lenen zich voor mediation?
13.1.7. Conflicten die zich niet voor mediation lenen
13.1.8. Mediation en nietige of vernietigbare besluiten
13.1.9. Mediation bij bestuursconflicten
13.2. Procedures
13.2.1. De vereniging als procespartij
13.2.2. Bevoegdheid om de vereniging in een procedure te vertegenwoordigen
13.2.3. Wie vertegenwoordigt de vereniging in de procedure?
13.2.4. Bestuursleden als getuige
13.2.5. De aan een procedure verbonden kosten
13.2.6. Gesubsidieerde rechtsbijstand
13.3. Procedures bij de burgerlijke rechter
13.3.1. Welke rechter?
13.3.2. Dagvaardingsprocedure
13.3.3. Verzoekschriftprocedure
13.3.4. Kort geding
13.3.5. Toetsing door de rechter
13.4. De vereniging in procedures
13.4.1. Procedure van de vereniging
13.4.2. Procedure over de vereniging
13.4.3. Procedure tegen de vereniging (bevoegde rechter)
13.4.4. Procedure tegen alle leden
13.4.5. Procedure minderjarige tegen de vereniging
13.4.6. Wie kan tegen de vereniging procederen?
13.5. Procedures van de vereniging
13.5.1. De procedure van de vereniging tegen een lid
13.5.2. De procedure tegen een bestuurslid
13.5.3. De procedure tegen een werknemer
13.5.4. De procedure tot rectificatie van de inschrijving in het handelsregister
13.5.5. De omzetting van een vereniging in een stichting
13.5.6. Collectieve belangenbehartiging
13.5.7. Recht van enquête
13.6. Procedures over de financi√ęn van de vereniging
13.6.1. Verslag van het bestuur
13.6.2. Afgifte van boekhouding en andere bescheiden
13.6.3. Rekening en verantwoording van een bestuurslid
13.6.4. Rekening en verantwoording bij niet verantwoorde gelden
13.6.5. Het instellen van een geldvordering
13.6.6. Benoeming van een bewaarder
13.6.7. Inzage van stukken na ontbinding van de vereniging
13.6.8. Strafrechtelijke vervolging van (bestuurs-)leden
13.7. De procedure omtrent de nietigheid van een besluit
13.7.1. Het vorderen van de nietigheid van een besluit
13.7.2. Bindend karakter van een uitspraak over een nietig besluit
13.8. De procedure tot vernietiging van een besluit
13.8.1. De procedure tot vernietiging van een besluit
13.8.2. Het bevestigen van een besluit
13.8.3. De door een bestuurslid gevorderde vernietiging
13.8.4. De door de vereniging gevorderde vernietiging
13.8.5. De door een belanghebbende gevorderde vernietiging
13.8.6. Termijn vordering vernietiging
13.8.7. Bindend karakter van een uitspraak over een vernietigend besluit
13.9. Procedure bij de administratieve rechter
13.9.1. De vereniging als belanghebbende in een administratieve procedure
13.9.2. Behartiging collectieve belangen
13.9.3. Behartiging van meer specifieke belangen
13.10. Procedure bij de strafrechter

Terug naar inhoudsopgave

14. SAMENWERKING, FUSIE EN SPLITSING
14.1. Samenwerking
14.1.1. Welke vorm van samenwerking?
14.1.2. Samenwerken op basis van een overeenkomst
14.1.3. Een samenwerkingsovereenkomst het oog op een fusie
14.1.4. De omnivereniging als samenwerkingsvorm
14.1.5. Samenwerken in een bond
14.1.6. Samenwerken in een federatie
14.1.7. Samenwerking via een stichting
14.1.8. Samenwerking via een besloten vennootschap
14.1.9. Samenwerken in concern- of groepsverband
14.2. Samenwerking en de NMa
14.2.1. Ondernemers- en brancheverenigingen
14.2.2. Aanbevelingen, adviezen en informatie
14.2.3. Erkenningsregelingen
14.2.4. Het lidmaatschap van een brancheorganisatie
14.2.5. Verenigingsrechtelijke en mededingingsrechtelijke bepalingen
14.3. Vermogensrechtelijke fusie
14.3.1. Constructie
14.3.2. Wettelijke regeling
14.3.3. Overdracht van het vermogen
14.3.4. Voorwaarden voor overdracht van het vermogen
14.3.5. Overdracht van het vermogen in het kader van een vereffening na ontbinding
14.3.6. Lidmaatschap en een vermogensrechtelijke fusie
14.3.7. Werknemers en een vermogensrechtelijke fusie
14.4. De juridische fusie
14.4.1. Constructie
14.4.2. Wettelijke regeling
14.4.2.1. SER Fusiegedragsregels
14.4.3. Het traject van een juridische fusie
14.4.4. Vermogen
14.4.5. Lidmaatschap
14.4.5.1. De vereniging en een fuserend lid
14.4.6. Werknemers
14.4.7. Schuldeisers
14.4.8. Contractspartners
14.4.9. Juridische fusie en afdelingen
14.4.9.1. Afdelingen
14.4.9.2. Juridische fusie en gewone afdeling
14.4.9.3. Juridische fusie en afdeling-verenigingen
14.4.9.3.1. Een hoofdvereniging met alleen afdeling-verenigingen als lid
14.4.9.3.2. De afdeling-vereniging is geen lid van de hoofdvereniging, wel haar leden
14.4.9.3.3. De afdeling-vereniging en haar leden zijn lid van de hoofdvereniging
14.4.9.3.4. Het meefuseren van de afdeling-verenigingen
14.4.9.3.5. Fusie van hoofdvereniging met afdeling-verenigingen
14.4.10. Voorstel tot fusie
14.4.10.1. Inhoud voorstel tot fusie
14.4.10.2. Toelichting bij het voorstel tot fusie
14.4.10.3 Ondertekening van het voorstel tot fusie
14.4.11. Jaarrekening en tussentijdse vermogensopstelling
14.4.12. Deponeren
14.4.12.1. Deponeren van het voorstel tot fusie bij handelsregister
14.4.12.2. Deponeren van het voorstel tot fusie en toelichting bij de splitsende verenigingen
14.4.13. Advertentie in een landelijk dagblad
14.4.14. Verklaring van non-verzet
14.4.15. Besluit tot fusie van de algemene vergadering
14.4.16. Fusieconvenant
14.4.17. Planning fusietraject
14.4.18. NotariŽle akte van fusie
14.4.19. Vernietiging van de juridische fusie
14.4.20. Problematiek na de fusie
14.5. De splitsing
14.5.1. De splitsing als instrument
14.5.2. Wettelijke regeling
14.5.3. Zuivere splitsing
14.5.4. Afsplitsing
14.5.5. Voorwaarden splitsing
14.5.6. Het traject van een splitsing
14.5.7. Het vermogen bij splitsing
14.5.8. Het lidmaatschap bij splitsing
14.5.8.1. De vereniging en een splitsend lid
14.5.9. Schuldeisers
14.5.10. Contractspartners
14.5.11. Voorstel tot splitsing
14.5.11.1. Inhoud voorstel tot splitsing
14.5.11.2. Toelichting bij voorstel tot splitsing
14.5.11.3. Ondertekening voorstel tot splitsing
14.5.12. Tussentijdse vermogensopstelling of jaarrekening
14.5.13. Deponeren
14.5.13.1. Deponeren van het voorstel tot splitsing bij handelsregister
14.5.13.2. Deponeren van het voorstel tot splitsing en toelichting bij de fuserende verenigingen
14.5.14. Advertentie in een landelijk dagblad
14.5.15. Verklaring van non-verzet
14.5.16. Besluit tot splitsing van algemene vergadering
14.5.17. Splitsingsconvenant en planning splitsingstraject
14.5.18. NotariŽle akte van splitsing
14.5.19. Vernietiging van de splitsing

Terug naar inhoudsopgave

15. HET EINDE VAN DE VERENIGING
15.1. Onbepaalde tijd
15.2. De omzetting
15.2.1. De omzetting in een andere rechtsvorm
15.2.2. De omzetting als doel en als middel
15.2.3. Het traject van de omzetting
15.2.4. De omzettingsprocedure in de vereniging
15.2.4.1. Besluit tot omzetting
15.2.4.2. Besluit tot statutenwijziging
15.2.5. Rechterlijke machtiging
15.2.6. NotariŽle akte en inschrijving
15.2.7. BeŽindiging lidmaatschap bij een omzetting
15.2.8. Omzetting van een stichting in een vereniging
15.3. De ontbinding
15.3.1. Procedure tot ontbinding van een vereniging
15.3.2. Ontbinding door een besluit van de algemene vergadering
15.3.3. Ontbinding door een bepaalde gebeurtenis
15.3.4. Ontbinding in geval van faillissement
15.3.5. Ontbinding door het geheel ontbreken van leden
15.3.6. Ontbinding door de Kamer van Koophandel
15.3.7. Ontbinding omdat de werkzaamheden in strijd zijn met de openbare orde
15.3.8. Ontbinding omdat het doel van de vereniging in strijd is met de openbare orde
15.3.9. Ontbinding wegens gebreken bij de totstandkoming van de vereniging
15.3.10. Ontbinding omdat de statuten niet voldoen aan de eisen van de wet
15.3.11. Ontbinding wegens het niet voldoen aan de wettelijke omschrijving van een vereniging
15.3.12. Ontbinding bij overtreding van voor haar rechtsvorm in Boek 2 gestelde verboden
15.3.13. Ontbinding wegens het in ernstige mate in strijd met de statuten handelen
15.4. Onder bewindstelling
15.4.1. Verzoek tot onder bewindstelling
15.4.2. De bewindvoerder en de organen van een vereniging
15.4.3. Het bewind en derden
15.5. De vereffening
15.5.1. De vereffening
15.5.2. Wanneer vereffening?
15.5.3. Wie vereffent?
15.5.4. Bestuursleden als vereffenaars
15.5.5. Door de rechtbank benoemde vereffenaars
15.5.6. Taken vereffenaar
15.5.7. Vereffening en faillissement
15.5.8. Overschot/batig saldo
15.5.9. Rekening en verantwoording vereffenaar
15.5.10. Verzet
15.5.11. Het einde van de vereffening
15.5.12. Heropening van de vereffening
15.6. Bewaarplicht nadat de vereniging heeft opgehouden te bestaan
15.6.1. Duur van de bewaarplicht
15.6.2. Wat moet worden bewaard?
15.6.3. Wie moet bewaren?
15.6.4. Verplichtingen van de bewaarder
15.7. Surséance van betaling
15.7.1. Wie neemt het besluit tot surseance van betaling
15.7.2. Bevoegdheden organen tijdens de surseance van betaling
15.8. Faillissement
15.8.1. Wie neemt het besluit tot faillissement
15.8.2. Bevoegdheden organen tijdens het faillissement

Terug naar inhoudsopgave

16. HANDELSREGISTER
16.1. Handelsregisterwet
16.1.1. Kosten van inschrijving
16.1.2. Het raadplegen van het handelsregister
16.2. Inschrijving van de vereniging en haar bestuursleden
16.2.1. Waar wordt de vereniging ingeschreven?
16.2.2. Inschrijving vereniging met volledige rechtsbevoegdheid
16.2.3. Inschrijving vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid
16.2.4. Overige inschrijvingen
16.2.5. Inschrijving van persoonsgegevens
16.2.6. Formulieren
16.2.7. Wie schrijft in?
16.2.7.1. In- en uitschrijving bij conflicten
16.2.8. Wat wordt ingeschreven?
16.2.9. Inschrijvingsnummer
16.2.10. Beoordeling inschrijving door Kamer van Koophandel
16.2.11. Beoordeling inschrijving door derden
16.3. Het deponeren van statuten en overige stukken
16.3.1. Vereniging met volledige rechtsbevoegdheid
16.3.2. Vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid
16.3.3. Het deponeren van overige stukken
16.4. Het belang van een opgave of van een depot
16.4.1. Jaarlijkse opgave?
16.4.2. Correctie van inschrijvingen
16.4.3. Bescherming van de vereniging
16.4.4. Bescherming van derden
16.5. Formulieren handelsregister
16.5.1. Het verkrijgen van formulieren
16.5.2. Begeleidende documenten
16.5.3. Inschrijving van een vereniging
16.5.4. Inschrijving functionaris van een vereniging
16.5.5. Inschrijving onderneming van een vereniging
16.5.6. Wijziging gegevens vestiging/nevenvestiging
16.5.7. Inschrijving gevolmachtigde
16.5.8. Wijziging gegevens van de vereniging
16.5.9. Wijziging gegevens van functionarissen
16.5.10. Inschrijving ontbinding of einde vereniging
16.6. De nieuwe Handelsregisterwet 200?
16.6.1. Doel en opzet van nieuwe Handelsregisterwet
16.6.2. Kwaliteit van het handelsregister
16.6.3. Het raadplegen van gegevens
16.6.4. Verplicht gebruik door overheidsorganen

Terug naar inhoudsopgave